17.3.2024 Ruim voor aanvang stond er een flinke rij voor de deur van het Paard. Veelal mannen van middelbare leeftijd en soms was er zelfs een echtgenote meegekomen. Mensen die thuis een goede stereoinstallatie hebben en genieten van pure muziek. Althans, zo schat ik het in.
Door de jaren heen had ik hem een paar keer gehoord en uiteraard ook gezien, maar dat is minder spannend. Behalve de gezichtsuitdrukkingen is er niet veel te zien, de man staat veelal op een vaste plek. Maar des te meer is er te luisteren. En het leek of al die mannen die vochten om een plek voor het podium, iedere beweging van zijn handen op de gitaar wilden volgen. Elke noot. En terecht. Want John Scofield is één van de allergrootste jazzgitaristen en past in een rijtje met Pat Metheny, Jim Hall, John McLaughlin, Al di Meola, George Benson en ook onze eigen Jesse van Ruller en Philip Catherine.

Deze avond een aantal beroemde covers zoals Tambourine Man van Bob Dylan en How blue can you get van BB King. Ik persoonlijk vond dat niet allemaal even mooi. Omdat het mij toch vooral ging over zijn gitaarspel. Bob Dylan is Bob Dylan. Maar bijvoorbeeld bij “Eyes of the world” van Grateful Dead kwam zijn gitaarspel echt heel mooi tot zijn recht. Dat was puur genieten. En dat zag ik ook om me heen gebeuren.

Het was een bijzondere avond. Met dank aan ProJazz.
gezien: John Scofield “Yankee go Home”.
tekst en beeld Maurits van Hout
all rights reserved


